WIERINGERMEER - In de gezellige Polderzaal van “Bij de Buren” stond de laatste avond van het Katholiek Vrouwengilde de Alkmaarse entertainer “Kees Kaas” op het podium. Met zijn gitaar en mondharmonica wist hij de vele dames te boeien en te vermaken met gevoelige, spitsvormige en aanstekelijke liedjes.

Kees Kaas, artiestennaam van de Alkmaarse Kees Kraakman, reeg zijn zelfgeschreven en op muziek gezette liedjes met wetenswaardigheden en anekdotes op plezierige wijze aan elkaar. Door in te haken op de actualiteit en de interactie met zijn toehoorsters, ontstond een fijne sfeer.

De liedjes, gewoon uit het leven gegrepen, maakten indruk. Er was veel herkenning bij teksten over de oude vader, werkend in zijn Manchesterse jasje op de bouw, opbloeiende liefdes, fietsen langs de Westfriese omringdijk en natuurlijk zijn paradepaardje ”kaas”. En in het gestaag grijzer wordende gezelschap was zijn vertolking van een nummer over “Meisjes van tachtig, ze zijn niet mooi, maar práchtig”, goed voor brede glimlachen.

Na enkele meezingers sloot Kees zijn programma af met een lied over de Sint-Adelbert Abdij van Egmond. Daarop mocht hij van de voorzitster de KVG kaars, die bij iedere bijeenkomst brandt, doven. Een onverwacht maar passend symbool, omdat deze afkomstig is uit de kaarsenwinkel van diezelfde Abdij en Kees Kaas hiermee een mooi en goedbezocht seizoen van de KVG dames uit mocht blazen.